Finland
Markku MARKKULA
Lid
Member of the Espoo City Council
Leden van de werkgroep Green Deal Going Local van het CvdR roepen de medewetgevers van de EU op ervoor te zorgen dat de klimaat-, energie- en milieuprioriteiten naar behoren worden geïntegreerd in de volgende langetermijnbegroting van de EU, zodat zij de schone transitie op lokaal en regionaal niveau ondersteunen. Dit was het belangrijkste onderwerp dat tijdens de vergadering van 25 maart werd besproken. De voorzitter van de werkgroep Green Deal Going Local, Markku Markkula (FI/EVP), gemeenteraadslid van Espoo, benadrukte dat de huidige energiecrisis de noodzaak bevestigt om te blijven investeren in energieonafhankelijkheid en klimaatbestendigheid.
In het voorstel van de Europese Commissie voor de volgende langetermijnbegroting van de EU (2028-2034) wordt een algemeen streefcijfer van 35 % voor klimaat- en milieu-uitgaven voor de verschillende programma’s vastgesteld, wat betekent dat meer dan 700 miljard EUR zou worden vrijgemaakt om klimaat- en milieudoelstellingen te ondersteunen. De leden van de werkgroep Green Deal Going Local betreurden echter het ontbreken van een specifiek programma dat gericht is op milieu- en klimaatactie en toegankelijk is voor lokale en regionale belanghebbenden, zoals LIFE in het huidige meerjarig financieel kader (MFK).
De nationale en regionale partnerschapsplannen (NRPP’s) – waarin middelen voor zowel regionale ontwikkeling als het gemeenschappelijk landbouwbeleid worden gecombineerd – zouden het belangrijkste instrument zijn om lokale gemeenschappen en bedrijven te ondersteunen bij de schone transitie. Hoewel 43 % van het NHP moet bijdragen aan het streefcijfer voor klimaat- en milieu-uitgaven, uitten de leden van de werkgroepen twijfels over de realistische uitvoering van de doelstelling in verschillende sectoren, zoals de landbouw, en waarschuwden zij voor het risico van greenwashing.
Deze zorgen werden gedeeld door Cristina Guarda (IT/Groenen/EVA), rapporteur van het Europees Parlement voor de versterking van plattelandsgebieden in de EU door middel van het cohesiebeleid. Europarlementariër Guarda betreurde het gebrek aan duidelijke doelstellingen en indicatoren ter ondersteuning van plattelandsontwikkeling, ook tegen de toenemende gevolgen van de klimaatverandering. Radim Sršeň (CZ/EVP), CvdR-rapporteur voor Toekomst van plattelandsontwikkeling 2028+, wijst op de noodzaak van oplossingen op maat voor elke regio, met inachtneming van de milieudoelstellingen.
Het MFK-voorstel bevat ook een zogenaamd “geen ernstige afbreuk doen”-beginsel om ervoor te zorgen dat door de EU gefinancierde activiteiten de klimaat- en milieudoelstellingen niet ernstig schaden, en heeft tot doel het traceren van uitgaven in verband met klimaatactie en milieubescherming te vereenvoudigen. Luca Menesini (IT/PSE), CvdR-rapporteur voor de nieuwe prestatiekaderverordening, waarschuwde echter dat dit in plaats daarvan zou kunnen leiden tot meer administratieve rompslomp voor lokale en regionale overheden. Hij riep ook op om meer aandacht te besteden aan het kwalitatieve karakter van de indicatoren, omdat te rigide kwalitatieve metingen het ambitieniveau voor klimaat- en milieuactie dreigen te verlagen.
De commissie Milieu, Klimaatverandering en Energie (ENVE) van het CvdR zal tijdens haar volgende vergadering op 22 april haar ontwerpadvies over de klimaat-, milieu- en energieaspecten van het volgende MFK goedkeuren. Rapporteur is Rafal Trzaskowski (PL/EVP), burgemeester van Warschau.
De leden van de werkgroep Green Deal Going Local wisselden ook van gedachten over de EU-agenda voor steden met CvdR-rapporteur Kieran McCarthy (IE/EA) en vertegenwoordigers van Eurocities en het Burgemeestersconvenant. Zij hebben ook de routekaart van de werkgroep Green Deal Going Local 2026-2027 aangenomen na een bespreking met deskundigen van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek.
Finland
Lid
Member of the Espoo City Council
Italy
Lid
Provincial Councillor, Lucca Province Council
Czechia
Lid
Member of the Local Assembly of the Municipality of Dolní Studénky