Persbericht

Lokale leiders waarschuwen voor het risico van greenwashing in de volgende langetermijnbegroting van de EU

Automatische vertaling

Dit is een machinevertaling, zodat u een idee krijgt van de inhoud. Lees meer over ons taalbeleid.

Op deze pagina

  • Commission
  • Jaarlijkse EU-begroting
  • Energietransitie
  • Meerjarig financieel kader (MFK)
  • Klimaatverandering en Energie
  • Klimaatveranderingsbeleid
  • Milieubeleid
  • Energiebeleid van de EU
  • Europese Green Deal
  • Milieu

De commissie ENVE van het Europees Comité van de Regio’s heeft gewaarschuwd dat de voorgestelde structuur voor de volgende langetermijnbegroting van de EU het risico met zich meebrengt van greenwashing, verzwakking van de verwezenlijking van de klimaat- en milieudoelstellingen van de EU en vergroting van de territoriale verschillen. Tijdens een vergadering op 22 april was Pierfrancesco Maran, voorzitter van de commissie ENVI van het Europees Parlement, het eens met het belang van voldoende financiering voor klimaat en milieu, en benadrukte hij dat acties die in het kader van het huidige LIFE-programma worden ondersteund, moeten blijven profiteren van specifieke, voortgezette en voorspelbare financiering.

De commissie Milieu, Klimaatverandering en Energie (ENVE) van het CvdR heeft op 22 april haar standpunt over de volgende langetermijnbegroting van de EU (meerjarig financieel kader, MFK) vastgesteld met een advies onder leiding van de burgemeester van Warschau, Rafał Trzaskowski (PL/EVP). In een debat met de voorzitter van de commissie ENVI van het Europees Parlement benadrukten de leden dat vooruitgang in de richting van klimaatneutraliteit en de totstandbrenging van een duurzame energietransitie zowel een ecologische als een economische noodzaak is, zoals blijkt uit de huidige energiecrisis. Het huidige MFK-voorstel bevat echter geen duidelijk instrument om het volledige territoriale potentieel te ontsluiten en schiet tekort op het gebied van territoriale effectbeoordelingen.

Hoewel de commissie ENVE ingenomen is met de streefcijfers voor klimaat- en milieu-uitgaven van 43 % in de nationale en regionale partnerschapsplannen (NRPP’s) en in het Europees Fonds voor concurrentievermogen (ECF), waarschuwden de leden dat deze streefcijfers moeilijk te verwezenlijken zullen zijn zonder een sterke territoriale verantwoordelijkheid en een duidelijke verdeling van verantwoordelijkheden tussen de verschillende bestuursniveaus. De dubbelzinnigheid van de doelstellingen en definities kan ook leiden tot greenwashing, zoals de werkgroep Green Deal Going Local van het CvdR in maart heeft opgemerkt. Om multilevel governance en de doeltreffende verwezenlijking van klimaat- en milieudoelstellingen te waarborgen, wordt in het door de ENVE-leden goedgekeurde advies gepleit voor verplichte regionale en territoriale hoofdstukken in het NHP, met inbegrip van een duidelijke stedelijke dimensie en voorspelbare financiering in verband met klimaat-, energie- en milieustrategieën.

De commissie ENVE van het CvdR maakt zich ook zorgen over het ontbreken van een specifiek programma voor milieuactie. Het is van mening dat het behoud van de doelstellingen, uitvoeringsmechanismen en specifieke oproepen voor lokale en regionale overheden van het LIFE-programma van essentieel belang is om de inspanningen op het gebied van het koolstofvrij maken van de industrie aan te vullen en de versterking van het concurrentievermogen territoriaal te verankeren. In het advies wordt gewaarschuwd dat de integratie van de component natuur en biodiversiteit van het LIFE-programma in de bredere EU-faciliteit met meerdere prioriteiten zonder duidelijke oormerking, gewaarborgde toewijzingen en voorspelbare en herkenbare financieringsstromen het risico met zich meebrengt dat acties op het gebied van biodiversiteit, op de natuur gebaseerde oplossingen, waterbestendigheid, klimaatverandering en rampenparaatheid minder prioriteit krijgen.

Citaten

Rafal Trzaskowski (PL/EVP), burgemeester van Warschau en CvdR-rapporteur voor de mainstreaming van klimaat-, energie- en milieuprioriteiten in het meerjarig financieel kader: “Directe financiering stimuleert innovatie. Het stimuleert sterke proefprojecten. Het versterkt ook de democratie, omdat geld rechtstreeks naar lokale en regionale overheden gaat die het dichtst bij de burgers staan en vaak beter bestand zijn tegen populisme.”

Kostas Bakoyannis (EL/EVP), lid van de gemeenteraad van Athene en voorzitter van de commissie ENVE van het CvdR: "De ambitie van Europa op het gebied van veiligheid, concurrentievermogen, klimaat en natuur kan niet langer afzonderlijk worden behandeld. Ze maken deel uit van dezelfde strategische vergelijking. Het verminderen van onze afhankelijkheid van geïmporteerde fossiele brandstoffen is eenvoudigweg een kwestie van economische zekerheid. Het beschermt burgers en belangrijke sectoren zoals vervoer en landbouw tegen prijsschokken, ondersteunt gezondere steden en regio’s en versterkt de handelingsvrijheid van Europa. En die levering gebeurt lokaal. Daarom kunnen steden en regio’s niet alleen op EU-niveau, maar ook in het kader van de mondiale inspanningen van de EU niet langer waarnemers blijven. Wij zijn uitvoerders, investeerders en first responders. Wij zijn waar burgers de impact voelen en waar oplossingen moeten worden ontwikkeld."

EP-lid Pierfrancesco Maran (IT/S&D), voorzitter van de commissie ENVI: "De EU-begroting moet over voldoende middelen beschikken en in staat zijn onze verbintenissen op het gebied van milieu, klimaat en biodiversiteit na te komen. We moeten het streefcijfer van 35 % voor klimaat- en milieumaatregelen waarborgen en volledig uitvoeren. Tegelijkertijd heeft de EU sterkere, specifieke financiering nodig voor natuur en biodiversiteit om de beschadigde ecosystemen van Europa te herstellen. Daarom moeten acties die in het kader van het huidige LIFE-programma worden ondersteund, specifieke, voortgezette en voorspelbare financiering krijgen."

Meer informatie

  • In het voorstel van de Europese Commissie voor de volgende langetermijnbegroting van de EU (2028-2034) wordt een algemeen streefcijfer van 35 % voor klimaat- en milieu-uitgaven voor de verschillende programma’s vastgesteld, wat betekent dat meer dan 700 miljard EUR zou worden vrijgemaakt om klimaat- en milieudoelstellingen te ondersteunen. De nationale en regionale partnerschapsplannen (NRPP’s)– waarin middelen voor zowel regionale ontwikkeling als het gemeenschappelijk landbouwbeleid worden gecombineerd – zouden het belangrijkste instrument zijn om lokale gemeenschappen en bedrijven te ondersteunen bij de schone transitie, met een streefcijfer van 43 % voor klimaat- en milieu-uitgaven. Er is echter geen specifiek programma dat gericht is op milieu- en klimaatactie en dat in de huidige begrotingsperiode toegankelijk is voor lokale en regionale belanghebbenden, zoals LIFE.
  • Tijdens haar vergadering van 22 april heeft de commissie ENVE ook een ontwerpadvies goedgekeurd onder leiding van ENVE-voorzitter Kostas Bakoyannis over de mondiale klimaat- en energievisie van de EU, waarin de prioriteiten van lokale en regionale overheden voor de COP17 inzake biodiversiteit en de COP31 van het UNFCCC in de tweede helft van 2026 worden uiteengezet. De adviezen van beide rapporteurs – Bakoyannis en Trzaskowski – zullen tijdens de CvdR-zitting in juli worden goedgekeurd.
  • Vertegenwoordigers van verschillende fracties bespraken de huidige energiecrisis en wezen op de noodzaak van zowel kortetermijnmaatregelen om burgers en bedrijven te helpen als langetermijnbeleid dat erop gericht is de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen door hernieuwbare energiebronnen, kernenergie, energie-efficiëntie en elektrificatie op te schalen, en steden en regio’s bij deze inspanningen te ondersteunen. Het CvdR-bureau zal op 5 mei een verklaring goedkeuren om te reageren op de huidige geopolitieke situatie en de noodmaatregelen die de Europese Commissie op 22 april heeft voorgesteld om de energiecrises aan te pakken.
  • De leden wisselden ook van gedachten over de vereenvoudiging van de milieuwetgeving met algemeen rapporteur Nadia Pellefigue (FR/PSE) en vertegenwoordigers van de Europese Commissie, met het oog op het advies dat tijdens de CvdR-zitting van 6-7 mei zal worden goedgekeurd.

Contactpersoon:

Lauri Ouvinen
Tel. +32 473536887
lauri.ouvinen@cor.europa.eu

Leden